AANTEEKENINGEN OMTRENT LEPIDOPTERA DOOR Mr. E. A. DE ROO VAN WESTMAAS. ffybriden van Smerinêhus ocellata en Sm. Populi. In liet Ie deel bladz. 154 van dit Tijdschrift deed ik verslag van eene door mij genomene proef ten aanzien der copulatie van Sm. ocellata d en Sm. jpo'puli Ç. Ditzelfde onderwerp heeft in den laatsten tijd de belangstelling van Duitsche en Engelsche Entomologen eveneens opgewekt en aanleiding ge-geven tot verscheidene merkwaardige stukken van Dr. H. Hagen , geplaatst in de Entomologische Zeitung ^d^n 1858 op pag. 41. 230. 316 en 407. Zonder het aldaar over deze zaak voorko-mende geheel te willen overnemen , acht ik het echter belang-rijk om er datgene uit mede te deelen , wat uitsluitend betrekking heeft op de vroeger door mij behandelde soorten , te meer omdat de met deze vlinders genomene proeven een volledig resultaat hebben opgeleverd en dus strekken kunnen tot aan-vulling van mijne vroegere aanteekeningen. Bij zijn onderzoek naar de reeds gedane ontdekkingen be-trekkelijk bastaarden of Hybriden meldt Dr. H. Hagen het na-volgende: 5, In the Entomologists weekly Intelligencer, deel IL 1857. N°. 50 pag. 188 en N°. 51 pag. 197, berigt de Heer Thomas Hague , dat het hem gelukt is bastaarden te verkrijgen uit Sm. ocellata en Sm. Populi. Slechts negen weken na het uitkomen der eijeren verschenen de vlinders , tien in getal. Zij waren fraai en belangrijk , daar zij al de teekeningen en kleuren van beide soorten in zich vereenigden. Sommigen