if>?i'n NOV 15 1961 CATALOGUS DER NEDERLANDSE MACROLEPIÖOPTERA (ACHTSTE SUPPLEMENT) DOOR B. J. LEMPKE Af?isierdam De indeling van de twee eerstvolgende families is in overeenstemming met de moderne opvattingen van Dr. S. G. Kiriakoff (Gent), gebaseerd op het onder-zoek van de gehoororganen. De familie der Endrosidae werd door hem gecre-ëerd in 1952 (Buil. Ann. Soc. ent. Belgique^ vol. 88, p. 47). Zie ook zijn „In-leiding tot de systematiek der Schubvleugeligen (Lepidoptera)", Wetenschappe-lijke Mededeling nr. 35 van de K.N.N.V., p. 16, I960. ENDROSIDAE Setina Schrank Setina irrorella Clerck. Tijdschr. Entom., vol. 81, p. 260; Cat. Ill, p. (158). Het hoofdverspreidingsgebied is ongetwijfeld het zuiden en midden van Limburg, waar de vlinder niet zelden vrij gewoon tot gewoon is. Ook in het oosten van Noord-Brabant is hij nog tamelijk verbreid, maar verder naar het westen en noorden wordt irrorella steeds zeldzamer en uit de vier noordelijke provincies is zelfs geen enkele nieuwe vindplaats meer bekend geworden. De vliegtijd kan enkele weken vroeger beginnen dan in 1938 werd opgegeven en ook later eindigen, zodat de uiterste data nu worden: 7.V (in 1939 te Bemelen waargenomen. Garis) tot 26.VIII (in 1955 gevangen te Maalbroek, Landsman). Vindplaatsen. Gdl.: Bennekom; Winterswijk. Utr.: Zeist (1954 en 1957, Gorter). Z.H.: Melissant, één exemplaar op 8.VII.1957 (Huisman). N.B.: Gassel, Eindhoven, Nuenen, Helmond, Someren, Deurne, Asten, Budel. Lbg.: Horst, Sevenum, Haelen, Weert, Heel, Arcen, Grubbenvorst, Steyl, Belfeld, Reuver, Swalmen, Roermond, Maalbroek, Sint Odiliënberg, Posterholt, Montfort, Stein, Elsloo, Wijnandsrade, Heerlerheide, Brunssum, Ransdaal, Aalbeek, Maastricht, Cannerbos, Sint Pieter, Gronsveld, Eys. Variabiliteit. De vlinder is bij ons matig variabel. Een uitstekende behandeling van de in het kanton Graubunden voorkomende verwante soorten met een prachtige gekleurde plaat, waarop vele vormen worden afgebeeld, publiceer-de H. Thomann in Mitt. Schiveizer. ent. Ges., vol. 24, p. 413 — 437 (1951). f. pallida nov. Grondkleur van de vleugels bleek oranjegeel. Op de meeste plaatsen onder de soort aan te treffen, maar niet gewoon. Holotype: J* van Nijmegen, 5. VIII. 1859, in collectie Zoölogisch Museum. [Ground colour of the wings pale orange-yellow. It is not possible to identify this form with f. nickerli Rebel, because the author writes