NEDERLANDSCHE DIPTERA IN METAMORPHOSE EN LEVENSWIJZE BESCHREVEN DOOB H. WEYENBERGH Jr. INTjETDING-. Toen de tijden, waarin de beoefening der natuurwetenschappen zich bepaalde tot het bestudeeren en commentariëeren van de werken van Aristoteles , langzamerhand tot het verleden begonnen te behoo-ren en aan den wetenschappelijken horizont een nieuwe dag voor het viij en zelfstandig onderzoek begon te gloren, was bij het verzamelen en rangschikken der soorten op het uitgestrekt gebied der entomologie, ook veler oog gericht op de merkwaar-dige levenswijs en de steeds verrassende gedaantewisseling der insekten. De biologie der insekten was het veld van veler onderzoek. En geen wonder, want nog heden ten dage is de verandering der insekten voor den oningewijde bijna een wonder gelijk, en blijft voor den wetenschappelijken waarnemer, hoe dikwijls ook reeds waargenomen, in verband met hunne vaak belangwekkende levenswijs , een aangenaam schouwspel. Geen wonder verder ook dat de zoo sierlijk uitgedoste Lepi-doptera in de eerste plaats veler aandacht tot zich trokken ; tal van werken , somtijds met elkander wedijverende in naauwkeu-righeid en pracht van uitvoering, is daar om van die voorkeur getuigenis af te leggen. rViet anders ging het ook in ons land en met onze vaderland-sche insekten. Naast uitstekende insekten-anatomen en -physio-logen, als Swammerdam, Lyonet en Leeuwenhoek, mag ons 14